zaterdag 11 januari 2014

De toekomst van homo sapiens

Na een pauze tijdens de kerstvakantie las ik vorig weekend het nieuwste boek van Michel Odent uit, ‘Childbirth and the Future of Homo Sapiens’. Ik vind deze man een mirakel en ben blij dat ik hem een aantal keren mocht horen spreken. Hij wordt dit jaar 84, maar als je zijn boek leest, kon hij ook 60 zijn: je proeft al zijn ervaring, maar daar overheen ligt een dikke laag enthousiasme en gretigheid waaruit een diepgaande kennis over en nieuwsgierigheid naar de fysiologie blijkt. Dat is een woord waar je in zijn boeken niet omheen kunt: FYSIOLOGIE, met dikke vette hoofdletters, en ik vind dat een verademing. Het is namelijk werkelijk om wild van te worden, al die situaties waarin wordt gesproken over goede zorg en evidence based werken en (al dan niet anti-) kwakzalverij en behandeling (waarmee vaak symptoombestrijding wordt bedoeld)… en waarin aan de fysiologie vol-le-dig voorbij wordt gegaan. Is dat nou werkelijk zo’n superingewikkeld onderwerp, fysiologie?

Okay, ik geef onmiddellijk toe dat ons lichaam indrukwekkend gecompliceerd in elkaar zit, dat we heel veel dingen nog niet of nauwelijks doorgronden en dat het totale overzicht van alle samenhangende factoren soms moeilijk in één beeld te vangen is… maar de grote lijn, de basis, de essentie… die kan een gemiddelde zorgverlener toch wel bevatten? Het is toch niet te veel gevraagd om erop te rekenen dat er in ieder geval vanuit die basis een behandelplan wordt opgesteld als er sprake is van een gezondheidsprobleem?
Nou, helaas blijkt dat heel vaak dus wel het geval: het is te veel gevraagd.
Barende vrouwen worden op hun rug gelegd.
Baby’s die huilen, worden van hun moeder afgezonderd.
Borsten die onvoldoende melk produceren, worden op een schema gezet.

Michel Odent begrijpt dat soort handelwijzen volgens mij ook niet, want hij zet in op alles wat er in het begin gebeurt. Hij laat keer op keer zien van hoe cruciaal belang die eerste levensfase is, die 'primal period': fetal life, perinatal period and year following birth.
Ik heb ‘Childbirth and the Future of Homo Sapiens’ dan ook weer met een potlood in de aanslag gelezen en heel veel passages aangestreept, net als in alle andere boeken die ik van hem heb.

Odent begint in het eerste hoofdstuk met de constatering dat de periode rondom de geboorte zowel in academische kringen als door de media meestal niet in overweging wordt genomen als verklaring voor van alles, terwijl de wetenschap inmiddels sterk van mening is dat het een kritische periode betreft in de vorming van het individu. Een belangrijke oorzaak van dat inzicht wordt gevormd door de ontwikkeling van de epigenetica als vakgebied. Transgenerationele effecten van dat wat er tijdens de ‘primal period’ gebeurt, worden steeds meer zichtbaar. De moeder geeft aan haar kind niet slechts het genetische materiaal door, maar ook het epigenetische. De omgevingsinvloeden en het moment waarop ze zich voordoen, hebben (soms grote) invloed op de karakteristieken van een mens. Die verandering verloopt dan niet via het DNA, maar via een veranderde genfunctie. De invloeden uit de omgeving hebben, simpel gezegd, als het ware de capaciteit om sommige genen ‘aan’ of ‘uit’ te zetten.

Het idee van ‘use it or lose it’ geldt ook hier: fysiologische systemen waarop geen beroep meer wordt gedaan, zullen van generatie op generatie verder degenereren en het systeem waarover Odent zich de meeste zorgen maakt, is het oxytocinesysteem. Steeds minder vrouwen baren op basis van de kracht van hun eigen hormoonsystemen, want de invloed van allerlei cocktails aan hulpstoffen (synthetische oxytocine voor de weeën, diverse vloeistoffen voor pijnbestrijding, injecties om na de baring de baarmoeder te laten samentrekken) wordt groter en groter. De kracht van het eigen oxytocine- en dopaminesysteem zou daardoor wel eens drastisch kunnen afnemen. Wanneer er vervolgens ook nog weinig borstvoeding wordt gegeven, daalt de hoeveelheid dagelijks circulerende oxytocine in de gemiddelde populatie nog verder. Dat heeft grote gevolgen voor de empathie die mensen ontwikkelen voor hun omgeving. En dat heeft dan weer zijn weerslag op de mate waarin mensen in staat zijn zich in te leven in de achtergrond en omstandigheden van de ander, om verdraagzaamheid op te brengen, hulpbereidheid aan de dag te leggen, crimineel gedrag binnen de perken te houden, sociaal gedrag de boventoon te laten voeren, discriminatie uit te bannen, uitbuiting van anderen te voorkomen door verantwoord koopgedrag op het terrein van kleding, voedsel en transport. Het is niet niks, wat er op het spel staat, en ik ben van mening dat het geenszins vergezocht is, al zal dat voor velen misschien wel zo lijken. Hij gaat er soms namelijk wel met zevenmijlslaarzen doorheen. In het op één na laatste hoofdstuk schrijft hij onder de paragraaftitel ‘Smashing barriers’ (‘Barrières kapotslaan’): Another step is to claim that the quality of our immune system should not be dissociated from other personality traits.

Daar komt dan natuurlijk wel héél krachtig het borstvoedingsverhaal in beeld, want borstvoeding krijgen is voor een mens primair een immunologische kwestie, meer haast dan van voeding. Evolutionair liggen de wortels van de lactatie namelijk ook in bescherming en niet in voeding. De alinea die volgt is zo boeiend, dat ik ‘m hier graag integraal citeer:
Today we must smash the barriers between the functions of the primitive brain structures and the functions of the immune system. For example, the activities of the immune system are dependent on the release of cortisol by the adrenal gland: it is well known that cortisol levels are under the control of the hypothalamus, a part of the primitive brain that works as an endocrine gland. The ‘set point levels’ of the hypothalamus are established during critical phases of the primal period. We now know that stimulating the immune system sends a flow of information to the hypothalamus. Some antigens – substances that stimulate the immune system – can considerably increase the electrical activity of certain nerve cells of the hypothalamus. So the immune system can be seen as an actual sensory organ which gives information to the brain.

Wow! Wat een verbinding wordt daar gelegd! Dat kun je met recht een holistische aanpak noemen! En het wordt nog wilder: hij gaat door met deze lijn van denken en legt uit hoeveel gemakkelijker het voor een virus is om te muteren dan voor een organisme om daar het immuunsysteem op af te stemmen en zo’n virus adequaat te elimineren. Hij roept daarbij de SARS-epidemie in herinnering. Hij trekt dit door naar een nóg veel grotere context:
Analysing the viral threat is an elegant way of realizing the limits of our domination of nature, as a basic strategy for survival that started with the Neolithic revolution. This domination has included interferences in human physiological processes, particularly those related to sexuality, and especially the birth process. An emotionally dysregulated human being is a product of such strategies for survival. This kind of human being is unable to shift from knowledge to awareness. He is blind to the effects of his behaviour and continues to dramatically disturb ecosystems without taking into account that viruses can adapt much more easily and quickly than mammals to drastic environmental changes, particularly climatic changes. What kind of Homo can break this vicious circle?

Hij eindigt met hoofdstuk 20, dat is getiteld ‘Cultural blindness’: There is a universal lack of interest in the long-term consequences of how babies are born. (…) It is as if there are cultural forces that are pushing us to ignore the essential. (…) This lack of interest – this blindness- is cultural. It is shared by the media, the general public and even authoritative medical and scientific circles.
Hij deelt een denkbeeldig scenario met ons, over de eisen die aan een gynaecoloog of een vroedvrouw worden gesteld in de toekomst:
The basis of her plan is that to become an obstetrician or a midwife the prerequisite will be to be a mother who has a personal positive experience of unmedicated birth.
Ik voorzie hier, gezien de huidige stand van zaken, een forse overbelasting voor de paar zorgprofessionals die dan hun vak nog kunnen uitoefenen! :-)
Odent filosofeert nog wat door en besluit met het volgende:
The conclusion will be: let us get rid of the aftermath of thousands of years of beliefs and rituals and restart from the physiological perspective. Let us act as if it is not too late.
Starten vanuit het fysiologische perspectief: ik zou het er niet hartgrondiger mee eens kunnen zijn!

2 opmerkingen:

  1. Mooie beschrijving van het boek, dank dat je dit boek onder de aandacht brengt, Marianne. Ik heb het zelf ook met veel interesse gelezen.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Prachtig, boek, hè? Wel revolutionaire kost, hoor, als je al zijn aanbevelingen en ideeën in de praktijk zou toepassen! :D Mij lijkt dat wel een goed idee, trouwens, maar ik vrees dat we ver van zijn idealen zijn verwijderd. Hopelijk zet hij hier en daar wat beleidsmakers tot nadenken aan!

    BeantwoordenVerwijderen